Stadsraad Delden

Respect voor het verleden & invloed op de toekomst

  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size
Home Actuele thema's Spoorwegen "Nieuw kanaal als alternatief voor spoor"

"Nieuw kanaal als alternatief voor spoor"

Afdrukken

(Bron: TC Tubantia 31 mei 2011)

De Oldenzaalse wethouder Frits Rorink (CDA) pleit ervoor grondig te onderzoeken of er een verbinding kan komen tussen het Twentekanaal en het Dortmund-Emskanaal in Duitsland. Zo'n onderzoek vindt de wethouder van verkeer en vervoer van groot belang omdat goederenvervoer over water volgens hem een goed alternatief kan zijn voor het toenemend goederenvervoer over het spoor door Twente.

De spoorgemeenten Almelo, Borne, Hengelo en Oldenzaal vrezen vooral tegen 2020 enorme overlast. Rond die tijd, zo zeggen de prognoses, zullen rond tachtig goederentreinen per etmaal door die gemeenten rijden. Rorink trad vorige week op als woordvoerder van de regionale spoorgemeenten tijdens een symposium van de Rona, het Regionaal Overleg Noordelijke Aftakking. Een van de sprekers daar was een vertegenwoordiger van de binnenvaart in Nederland. ,,Uit het betoog van die man bleek dat de vervoerscapaciteit over het water verdubbeld kan worden. Voor mij was dat een eyeopener", aldus Rorink, die dan ook meteen inhaakte door hardop uit te spreken dat hij een groot voorstander is van hernieuwd onderzoek naar de al eerder besproken kanaalverbinding.

Centraal thema was dat de toenemende vraag naar vrachtruimte naar Duitsland in de nabije toekomst de capaciteit van de Betuwelijn overtreft. De goederentreinen komen van de Tweede Maasvlakte. De minister zoekt een oplossing door gebruik te maken van bestaande spoorlijnen tussen Elst en Oldenzaal. Dat zal leiden tot een
intensivering van het goederenvervoer over spoor op zowel de Twentelijn als de Ijssellijn. Gemeenten en spoorbewoners vrezen de gevolgen.

Het symposium werd niet voor niets gehouden in De Steeg in de gemeente Rheden. Alleen Rheden al kent 37 spoorwegovergangen binnen de gemeentegrenzen. Frank van Heijst, topambtenaar van het ministerie van Infrastructuur en Milieu, zei dat onderzoek wordt gedaan naar de effecten van meer goederentreinen op zowel de Twentelijn als de Ijssellijn. Rorink bracht namens de Twentse spoorgemeenten in dat dat niet voldoende is. ,,Wat wij willen is dat de onderzoeken zich niet al
leen richten op de situatie in 2020, maar verder gaan. Want je kunt op je klompen aanvoelen dat na 2020 het aantal goederentreinen nog verder zal groeien. Dat is al over acht jaar, daar moeten we ons goed van bewust zijn." In het onderzoek moet wat Rorink betreft ook de capaciteit op de Betuwelijn worden betrokken. Inclusief het opheffen van de zogenaamde 'flessenhals' in het spoor bij het Duitse Emmerich. ,,Het verzoek van ons aan het kabinet en de vaste kamercommissie is nadrukkelijk over deze problematiek in contact te blijven met de Duitse buren", aldus Rorink.

Op dit moment gaat 67 procent van het goederenvervoer over de weg. Dertig procent over het water en drie procent over het spoor. ,,We maken ons dus druk over drie procent waar we heel veel last van hebben en krijgen. Juist omdat er over water extra capaciteit is, is dat voor mij alle reden te pleiten voor een goed onderzoek naar een nieuwe kanaalverbinding." Hoewel het een traject van misschien wel dertig jaar kan zijn pleitte Frits Rorink op het symposium ook voor een toekomstig spoortraject langs de A1. In elk geval bij steden die veel meer overlast zullen krijgen. ,,Iemand moet dat roepen om het op de agenda te krijgen", zegt Rorink. De wethouder verkeer en vervoer wil de komende jaren nauw optrekken met de Oldenzaalse afgevaardigden in de Rona. Verder hoopt Rorink in overleg met de spoorgemeenten en de Regio Twente de leden van de vaste kamercomissie naar dit gebied te halen om ze goed op de hoogte te brengen van de problematiek in deze regio en de belangen van Twente.

 
Terug